Druivenranken hebben niet veel verzorging nodig. Het enige wat regelmatig moet gebeuren bij deze planten is snoeien. Het snoeien van je druivenrank is nodig om je plant klein te houden en zoveel mogelijk fruit te produceren. Snoeien is in het bijzonder nodig wanneer je de wijnstokken houdt om wijn te maken. Snoeien helpt je plant om het bij zijn latwerk te houden waaraan de plant omhoog behoort te klimmen. Druiven groeien alleen aan takken die één jaar oud zijn. Hevig snoeien aan het eind van winter helpt je plant om een krachtige fruitdragende druivenrank te worden. Het is mogelijk om volwassen druivenstokken die al een paar jaar niet gesnoeid zijn, terug te snoeien zodat zij het volgende jaar weer een fruitdragende plant zullen worden.

Bemesting en water geven

Voeg jaarlijks nitrogen toe aan de aarde van je druivenplant. De beste tijd om je plant te voeden is nadat de knoppen verschenen zijn en voordat er druiven beginnen te ontstaan. Zo heeft je plant de meeste voordeel van de voeding bij het produceren van vruchten. Een andere optie is om je plant te voeden nadat je geoogst hebt. Idealiter is dit in september. Vermijd het voeden van je plant als deze zich in slaapstand bevindt of het overbemesten van je rank. Te veel mest kan zorgen voor te veel vegetatie en vermindering van je fruitproductie. Geef je plant extra water gedurende droge periodes. Verhoog je irrigatie bij een oudere rank en zanderige grond. Verlaag je irrigatie bij een kleiachtige grond.

Snoeien

Snoei je rank wanneer je plant zich in een slapende stand bevindt. Dit gebeurd meestal in een periode tussen december en maart. Het fruit van het komende jaar zal ontstaan aan de takken en knoppen van het vorige jaar. Hou dus de takken die één jaar oud zijn maar snoei de rest weg. Snoei 90% van de takken weg zodat deze niet de productie van nieuwe takken en druiven in de weg staan.